Van toeten noch blazen
- 10 uur geleden
- 2 minuten om te lezen
Een kleine 40 jaartjes speel ik saxofoon. Begonnen bij een gebrek aan sportieve vermogens en later uitgegroeid tot een waardevolle hobby. En de laatste 8 jaar (heel toevallig de leeftijd van tweeling Jelte en Jurre) hét moment om even te ontspannen zonder zorgen voor en om de kinderen.
En die kinderen zelf dan? Die toonden weinig interesse in muziek maken. Ze wisten bewust van toeten noch blazen zeg maar. Al een paar jaren rijd ik daarom zes dagen per week naar voetbaltrainingen, tennistrainingen en de wedstrijden van beide sporten.
Toonden weinig interesse? Ja… Want een uitstapje naar een open dag van de muziekschool resulteerde in een proefles op een instrument. En nu, een paar maanden later is ook de zevende dag in de week gevuld met muzieklessen van de tweeling. Uiteraard beiden op een ander instrument en een andere lesdag.
Als brave supporter zit ik tweemaal per week een klein half uur te luisteren hoe Jelte en Jurre de prachtigste tonen uit een instrument toveren om daarnaast nog een keer of vier per week iedereen thuis te laten genieten als ze de oefeningen repeteren. Als ouders zitten we ernaast, tellen mee, zingen ritmes voor. Op die manier kunnen we extra genieten van die prachtige tonen.

Althans, ze zijn zelf overtuigd van die prachtige tonen en dat genieten.
Voorbijgangers controleren in deze eerste fase nog of het de eerste maandag van de maand 12:00 uur is als Jurre het mondstuk in zijn mond neemt en zijn riet laat trillen.
Bij de leraar van Jelte valt me op dat hij steeds meer slokjes uit zijn koffiekopje neemt (is er eigenlijk wel een koffiezetapparaat in de muziekschool aanwezig of zit er iets anders in?) en zie ik steeds meer honden aan de overkant van de straat in plaats van de stoep langs de muziekschool lopen.
De leraren verdienen een lintje. Deze maanden van eerste lessen scoren namelijk hoog op het lijstje martelingen van pak hem beet Guantanomo Bay of Middeleeuwse straffen. Net boven het uittrekken van nagels, waterboarden, vierendelen of een marathon tell-sell kijken met Frans Baur hard door de speakers (maar dat laatste is puur persoonlijk).
De echte vraag luidt natuurlijk: heeft de tweeling lol erin en gaan ze een beetje vooruit? Voor nu beroep ik me nog even op mijn zwijgrecht. Iets waar de honden in de buurt van de muziekschool, twee muziekleraren en mijn mede-huisgenoten het hier vast mee eens zijn. Of zoals oudere broer Jippe (11) het subtiel verwoordde: ‘Zij noemen het muziek. Ik noem het geluid met hoofdpijn’. Maar die weet van toeten noch blazen en gezien onze agenda's houden we dat zo!
Wordt vervolgd?
Jeroen
Chronisch vermoeide tweelingvader van Jelte en Jurre (8) en vader van Jippe (11)













Opmerkingen